wie is online

We hebben 74 gasten en geen leden online

Login/Registreren

Polls

Welk type lezing wil je liefst bijwonen

Reisverslagen - 8.3%
Aquariumplanten - 20.8%
Gezelschapsvissen - 33.3%
Cichliden - 33.3%
Vijver - 4.2%

Aantal stemmen: 24
De stemmen voor deze enqute is afgelopen on: mei 10, 2017

Waterplanten

Afdrukken E-mail

Waterplanten
 
Na reeds jaren lid te zijn van De Siervis en vele artikels gelezen te hebben in ons maandblad stelde ik mij de volgende vragen.
* Waarom vinden wij het zo vanzelfsprekend dat anderen er steeds voor zorgen dat wij elke maand onze portie leesvoer in de bus krijgen?
* Is het nodig om een goed schrijver te zijn?
* Is er een tak van onze hobby die eens verder kan uitgediept worden?
* Is dit het moment om ook eens een artikel te schrijven?
Waarover ik het in dit artikel zal hebben, zijn onze waterplanten. Ik zal proberen zoveel mogelijk factoren te behandelen, zodat wie interesse heeft hierover verdere opzoekingen kan doen en misschien ook eens iets op papier kan zetten. 
 

Wat bepaalt de fascinatie van een aquarium? Als U het eens vraagt aan iemand, die diep in gedachten verzonken, een aquarium bekijkt, zult U vaak volgend antwoord krijgen: ‘Het is op de één of andere manier alles samen, de kleuren en de bewegingen van de vissen, het verzadigde groen en de vormen van de waterplanten’. Bij een optimaal functionerend aquarium horen gezonde en goed groeiende aquariumplanten! Spijtig genoeg worden de planten vaak nog altijd als decoratiemateriaal beschouwd, dat er op de één of andere manier bijhoort. Niets is minder waar.
De daadwerkelijke prestaties van deze planten zijn ongelooflijk veelvoudig en dwingend noodzakelijk voor een goed functionerend aqua-systeem.
 
De behoeften van de planten
Laten we stap voor stap de behoeften van onze aquariumplanten bekijken.
 
Het Water:
In onze aquariums verzorgen we vissen, die een ‘tropische’ temperatuur van 24 – 28°C nodig hebben. De keuze van de waterplanten zou zo moeten zijn dat het temperatuuroptimum van deze planten in dit bereik ligt. Natuurlijk moet het water zuiver zijn, zodat de leefomstandigheden voor planten en vissen optimaal zijn. De aanbevolen waterwaarden zijn (richtwaarden):
 Temperatuur:   24 – 28°C
 PH-waarde:   6,5 – 7,4
 Totale hardheid (GH):  6 – 16° dH
 Karbonaathardheid (KH):  4 – 10° dH
 Ammoniak:   0,0 mg/l
 Nitriet:   < 0,1 mg/l
 Nitraat:   tot 25 mg/l
Natuurlijk functioneert een aquarium ook in lichtjes afwijkende omstandigheden, weliswaar niet optimaal.
De waterwaarden kunnen snel en correct bepaald worden met testsets en/of meettoestellen.
 
De Verwarming:
De optimale verwarmingsmethode voor een al dan niet beplant aquarium is een bodemverwarming. Het water circuleert door de bodemgrond en de plantenwortels worden steeds goed met zuurstof en voedingsstoffen voorzien. Ze zullen ook geen last meer hebben van ‘koude voeten’.
 
Waterbereiding: 
In ons leidingwater bevinden zich enkele stoffen die gevaarlijk kunnen zijn voor onze vissen en planten. Chloor, dat gebruikt word om ons leidingwater te ontsmetten, zware metalen afkomstig van de leidingen, overschotten aan pesticiden, enz.
Reeds in kleine hoeveelheden zijn deze stoffen schadelijk voor onze waterwereld. Door toevoeging van een waterpreparaat bij een nieuwe installatie of bij een waterwissel scheppen we een vis- en plantvriendelijk water. Een goed werkend filter kan ook veel van deze schadelijke stoffen verwijderen. Ook bestaan er filters die door middel van een gebakken actieve koolkaars naast mechanische overschotten ook schadelijke stoffen en kiemen uit het leidingwater verwijderen. 
 
Licht: 
Planten hebben licht nodig om de fotosynthese te kunnen laten gebeuren. Hierbij ontwikkelen ze uit koolstofdioxide, water en licht een hoogwaardige suiker namelijk glucose. Deze glucose dient als grondstof voor de verdere stofwisseling van de planten.
Vermits de meeste, door ons gehouden aquariumbewoners uit heldere tropische regio’s stammen en, in vergelijking, in donkere woningen staan, moet er gezorgd worden voor bijkomend licht. Er staan ons meerdere verlichtingssystemen ter beschikking, zodat alle wensen van verpleegde en verpleger vervuld kunnen worden. Een belichtingsduur van 8 – 9 uur is voor de meeste aquaria voldoende. Bij langere belichtingstijden is er gevaar voor algenvorming. Een tijdsklok geeft hier veel gemak en het nodige constante ritme. (Denk maar aan de overgang van zomer- naar wintertijd en omgekeerd). In de tropen is een dag weliswaar 12 uur lang, maar omwille van de vlakke invalshoek bereiken de eerste en laatste zonnestralen de waterplanten helemaal niet. Als maatstaf voor de belichtingssterkte in een zoetwateraquarium mag men 0,3 Watt per liter aquariumwater tellen.
 
(N.v.d.r.: Met de belichtingsduur van 8 à 9 uur ben ik het niet eens. Niettegenstaande de veranderende lichtintensiteit in de tropen moet men wel weten dat het tijdstip van opkomen van de zon tot volledig licht en de periode van dag naar nacht zeer kort zijn. Dit fenomeen weegt dan ook zeker niet op tegen het enorme verschil in lichtintensiteit van een tropische dag (zelfs met zware bewolking) en het licht van een paar TL buizen. Dus: 12 uur verlichten is zeker geen luxe. En als er algenvorming is hangt het nog sterk van de soort alg af of dit al dan niet met het licht te maken heeft.)
 
Plantenmest: 
Bij het bemesten van planten bestaat er een eenvoudige regel:
De vat – regel:
Stelt U zich een houten vat voor met spanten van verschillende lengten. (De spanten zijn de verscheidene voedingsstoffen). Laat nu water in dit vat lopen. Het water zal slechts stijgen tot de kortste spant. Exact zo is de verhouding tussen plantengroei en voedingsstoffen. Zodra een voedingsstof opgebruikt is groeit de plant niet meer verder, alhoewel de andere voedingsstoffen nog voldoende beschikbaar zijn. Hieruit blijkt dat een afdoende en continue bemesting belangrijk is.
Voor overmatige algengroei als gevolg van een groot voedingsstofaanbod, moet U bij een gezonde plantengroei en juiste bemesting niet bevreesd zijn. Meststoffen voor aquariumplanten zijn zo samengesteld dat ze slechts geringe stikstofverbindingen bevatten. Bovendien gebruiken goede en krachtig groeiende aquariumplanten de voedingsstoffen zo snel, dat de algen zich langzamer
ontwikkelen en zodoende in het nadeel zijn ten opzichte van de waterplanten.
 
IJzer: 
IJzer is voor planten zeer belangrijk, daar dit nodig is bij de opbouw van het bladgroen (Chlorofyl). Zonder dit bladgroen is er ook geen fotosynthese mogelijk. Planten met een tekort aan ijzer herkennen we aan de geelachtige, doorzichtige bladeren.
Enkele vormen van ijzerbemesting zijn:
- Een sterk ijzerhoudende bodemgrond mengen in de normale bodembedekking. Dit is de meest overeenkomende manier met de natuur. 
- Via toevoeging van vloeibaar ijzermest aan het water.
Het probleem is dat driewaardig ijzer niet oplosbaar is in water, het tweewaardig ijzer geoxideerd wordt en dus vaker moet bijgevuld worden. Bij hoogwaardige ijzermeststoffen wordt het ijzercomplex gebonden zodat het niet onmiddellijk uiteenvalt.
Deze complexen worden door de micro-organismen langzaam afgebroken zodat de bemesting gelijkmatig verloopt. Een richtwaarde voor het ijzergehalte in ons aquarium ligt rond de 0,1 mg.
 
Koolstofdioxide (CO2): 
Koolstofdioxide is de belangrijkste plantenvoedingsstof. Zoals eerder reeds vermeld, bewerkstelligen de planten uit water en koolstofdioxide, onder invloed van het zonlicht, energierijke verbindingen. Daarom is een goede verzorging van onze waterplanten een belangrijke basisvoorwaarde voor gezonde en krachtige planten. Dit onderdeel werd reeds in een voorgaand artikel behandeld.
 
De prestaties van de planten
Nadat U gelezen hebt, wat onze aquariumplanten allemaal van U verwachten, is het de hoogste tijd om eens te kijken wat we hiervoor in de plaats krijgen. En vooruitlopend kan ik U nu reeds zeggen dat U bij deze ‘handel’ geen slechte zaak hebt gedaan.
 
Zuurstofproduktie: 
Planten produceren bij de fotosynthese zuurstof als ‘afvalprodukt’. Deze zuurstof wordt door micro-organismen, vissen en planten (‘s nachts) verbruikt. Als gevolg daarvan is het zuurstofgehalte ‘s morgens lager dan ‘s avonds, omdat de planten in de loop van de dag terug zuurstof zullen aanmaken. 
In een goed aangelegd en beplant aquarium ligt de zuurstof – verzadiging ‘s morgens om en bij de 60 à 70 % (5 – 6 mg/l) en ‘s avonds bij de 100% (8 – 10 mg/l). Planten voorzien een aquarium wezenlijk beter van zuurstof dan bvb. een ‘luchtsteentje’.
Zuurstof wordt ook via de wortels afgegeven, zodat de bodemgrond gelucht wordt en er zich geen vuile zones kunnen vormen. 
 
Afbraak van schadelijke stoffen: 
Een essentieel bestanddeel van plantenvoeding zijn stikstofverbindingen, zoals nitraat. Dit ontstaat als afbraakproduct uit de uitscheidingen van vissen en ander bio – afval, zijnde voedselresten, afgestorven plantendeeltjes, enz.
Een te hoog nitraatgehalte in het water (vanaf 50 mg/l) is schadelijk voor onze vissen en zal de algengroei ten goede komen. Gezonde planten onttrekken nitraat aan het water en verbeteren aldus de milieuvoorwaarden in het aquarium. Een regelmatige, gedeeltelijke waterwisseling vermindert bovendien het gehalte aan schadelijke stoffen en verbetert de levensvoorwaarden voor vissen en planten. Een goede maatstaf is wekelijks ¼ van het aquariumwater verversen. (Dit is niet gelijk aan ¼ van de hoogte van het aquarium).
Deze manier van water verversen is veel beter dan eenmaal per maand de vissen en planten met een radicale kuur af te schrikken. Optimaal voor de planten en vissen in het aquarium is nog altijd de ‘dagelijkse emmer’ vers water. Het gebruikte water is ideaal geschikt als gietwater voor de kamerplanten.
 
De optiek: 
Infectiedruk, afbraak van schadelijke stoffen, zuurstofproductie, enz., allemaal voordelen, maar voor ons, aquariumliefhebbers, is het resultaat van dit alles nog het mooist.
Een aquarium met diepgroene, dichtgroeiende planten ziet er ‘klasse’ uit! Naast de weldoende, rustgevende werking (groen wordt door het menselijk oog het best waargenomen en werkt tegelijkertijd rustgevend op ons gemoed) scheppen dichte plantenbestanden schuilhoeken voor jonge vissen of zwakkere dieren en territoriumgrenzen voor de ‘macho’s’ onder onze zorgelingen.
 
Van Roy Charles,
De Siervis Leuven